Stef Hemeleers

 

 

Sommigen onder u zullen de persoon op de foto herkennen als de man uit de Molenstraat met de originele (zelfgemaakte!) brievenbus, nog anderen als de enthousiaste fietser die ’s ochtends de hellingen naar de Brusselsesteenweg oprijdt en de best geïnformeerden onder u weten dat die fietstocht leidt naar de lokalen van de BKO Kunstschool waar hij directeur is. Reden te over dus om bij een glas thee Stef Hemeleers aan het woord te laten.

Stef groeide op in Duisburg als zoon (en kleinzoon) van serristen. Maar de serres vol druiven uit zijn jeugdjaren zag hij thuis al snel plaats ruimen voor veldsla, selder en andere groenten, want opboksen tegen de goedkopere druiven uit Zuid-    Europa werd ook voor zijn ouders alsmaar moeilijker. De kleuter- en lagere school deed hij bij de zusters in Eizer en voor het middelbaar ging het naar Sint Martinus in Overijse, waar hij afstudeerde in de     wetenschappelijke richting. In de weekends was hij actief bij de KSA in Tervuren waar hij op het einde ook in de leiding stond.

Voor zijn hogere studies twijfelde Stef tussen archeologie en kunstonderwijs. Dat laatste hield wellicht verband met het feit dat Stef vanop de prille schoolbanken altijd graag had getekend en daar duidelijk aanleg voor had. Die liefde voor de creativiteit haalde het en dus schreef hij zich in aan Sint Lucas in Brussel waar hij de richting vrije grafiek koos. De computer had nog net niet zijn intrede gedaan in het grafische en dus kon hij er nog de technieken van werken met houtsneden en  etsen onder de knie krijgen en handmatig affiches en grafiek ontwerpen.

Vier jaar Sint Lucas betekende evenveel jaren in de Brusselse grootstad en hoewel hij als jonge student regelmatig de stad ging verkennen op lange wandelingen bleef hij, zo zegt hij zelf, altijd het platteland genegen.

De legerdienst zou pas enkele jaren later afgeschaft worden en dus werd Stef onder de wapens geroepen. Hij had, gezien zijn grafische vorming, graag meegewerkt aan de lay-out van Vox, het militair blad, maar de legerleiding beschikte daar (zoals al te vaak) anders over en dus werd hij Air Commando bij de luchtmacht, eerst in Duitsland en later in Melsbroek. 

Ook zijn eerste werkervaringen, eens afgezwaaid, hadden niets te maken met zijn artistieke opleiding, al zorgde Stef er wel voor dat hij in zijn vrije tijd bleef tekenen en ontwerpen. De aanhouder wint echter en gaandeweg kon hij zich meer en meer gaan richten op het artistieke : hij werkte bij Little Van Gogh (kunstuitleen voor bedrijven en instellingen), hielp drukkers die hun letterzetterij dienden te vervangen door computers en kreeg (dankzij een lerarenopleiding) meer en meer lesuren als leraar plastische opvoeding. Zij het dat het bij elkaar sprokkelen van lesuren niet altijd een pretje was : “op een bepaald moment gaf ik les aan drie scholen in Leuven en aan het BKO in Overijse. Geen vol uurrooster en toch was het was eindeloos agenda’s bij elkaar puzzelen en sprinten van de ene school naar de andere.” Aan de BKO Kunstschool van Overijse, ook wel eens de Academie voor Beeldende Kunsten genoemd, gaf Stef modeltekenen. Hij vond er een aangename werkomgeving in het mooie kader van de voormalige school van de zusters van Overijse en Mechelen aan de Brusselsesteenweg. Toen de toenmalige directeur in 2005 met pensioen ging en er dus een vacature werd uitgeschreven besloot hij zich kandidaat te stellen : “ik had geen enkel idee of ik een kans maakte maar was blij verrast toen men mij na het selectieproces de job aanbood”.

Ondertussen staat hij 11 jaar aan het roer van BKO. “We verwelkomen dit jaar 940 kinderen en volwassenen in onze school” zegt hij spontaan en met een tikkeltje fierheid. De kinderen begeleiden we 12 jaar lang (van 6 tot 17) in hun teken-, kleur- en vormexpressie en de (jong)volwassenen hebben de keuze tussen tekenkunst, schilderkunst, fotokunst, keramiek en toegepaste grafiek. “Ik heb het geluk om een getalenteerd en gemotiveerd lerarenkorps te hebben” vervolgt Stef wat bescheiden en blijkbaar weet het publiek de inspanningen van het BKO-korps te waarderen: 70% van de leerlingen komt uit de ruimere Druivenstreek en 30% van daarbuiten. Hij is ondertussen sneller en met enthousiaste gebaren gaan praten nu het over BKO gaat. Of er na 11 jaar toch niet wat sleur en veel routine bij komt kijken, opper ik wat stout, maar het antwoord laat niet lang op zich wachten : “Er zijn ieder jaar nieuwe projecten en die afwisseling zorgt er net voor dat we niet stilvallen. We werken trouwens ook goed samen met de muziekacademie en dat levert een mooie kruisbestuiving op.”

En komt hij als directeur die het allemaal georganiseerd moet krijgen zelf nog aan het artistieke toe, wil ik ook nog weten. “Als directeur geef ik zelf geen specifieke lessenreeks maar als er eens een lesgever ziek is mag ik invallen en ik doe dat graag”. En tijdens de vakanties is er echt tijd voor eigen creaties. Vooral beeldhouwwerk en metalen constructies die al lassend (en met veel inspanningen) gaandeweg de gewenste vorm krijgen.

Dat Stef in Terlanen is komen wonen hebben we blijkbaar aan zijn fiets te danken. Als verwoed mountainbiker kwam Stef immers geregeld in Terlanen langs en toen hij op een keer een “te koop” bord zag staan was zijn aandacht gewekt. Hij stelt de groene omgeving erg op prijs en vindt het prima dat hij met de fiets naar het werk kan.

Stef, we zijn blij dat we jou wat beter hebben leren kennen en dank dat we onze babbel met de inwoners van Terlanen mogen delen.