Marcelle Rosier

Zoals hieronder zal blijken bleek haar waarschuwing bij het begin van het gesprek “ik ben zoveel vergeten” geheel onterecht. Het werd een erg boeiend gesprek met een pientere en innemende dame die met veel levenswijsheid en een open geest haar boeiend levenspad toelichtte.

 

Marcelle, sommige Terlanenaars houden het nog op ‘juffrouw Rosier’ of ‘juffrouw Marcelle’, werd in 1924 thuis geboren in het Hof ten Hove (thans Bollestraat 89). Ze was de jongste van drie en hun vader verdiende als rademaker de kost en verzag de landbouwers dus van wielen voor hun karren. Zoals vele jonge kinderen van ‘op den berg’ (het hoger gelegen stuk van de Bollestraat) ging ze naar de lagere school bij de zusters in het Keyhof in Huldenberg. Middelbaar onderwijs genoot ze in het frans in Waver en toen er nadien moest gekozen worden voor een beroepsopleiding werd het de lerarenopleiding in het Heilig Hart in Heverlee. Haar droom was eigenlijk om geneeskunde te studeren “maar voor iemand van gewone komaf en zeker een meisje was dat niet mogelijk en dus werd het onderwijzeres”.

 

Het begin van de tweede wereldoorlog zou haar studies wel wat verstoren. De bewoners van ‘den berg’ hadden afgesproken dat als er gevlucht werd (de ouderen herinnerden zich de gewelddadige intrede van de Duitse troepen in 1914) ze dat samen zouden doen en zo vertrok er een karavaan met drie door paarden getrokken karren (respectievelijk van Mandus Alsteens, Tuur Alsteens en Tiske Alsteens). De kleinere kinderen mochten op de karren zitten en de grotere kinderen (waaronder Marcelle) volgden op de fiets. De paarden waren blijkbaar zo gewoon elkaar te volgen dat toen er eens een Belgische soldaat de tweede kar aan een brug wou tegenhouden (de kar van Mandus was al op de brug) de paarden gewoon bleven doorstappen en de soldaat vlug uit de weg moest springen om niet onder de paardenhoeven terecht te komen. Ze waren in Staden, bij Kortrijk, aangekomen toen het Belgisch leger capituleerde. 

 

Toen de familie Rosier terugkwam in hun Hof ten Hove bleek dat hun huis en de schuur door het Brits leger gebruikt was als veldhospitaal. Een Britse soldaat was begraven in de tuin onder de kersenboom en ook in de Moskesstraat sneuvelden enkele Britse soldaten. Later zouden hun lichamen overgebracht worden naar het kerkhof van Terlanen.

Een ander merkwaardig gevolg van de oorlog was dat de opleiding die Marcelle en haar klasgenoten aan de normaalschool kregen van het vak ‘geschiedenis’ er onder leed: de Duitse bezetter was immers niet zo opgezet met de wijze waarop de eerste wereldoorlog in de cursussen beschreven stond en dus diende de school de cursussen ofwel in te leveren ofwel het bewuste hoofdstuk er uit te verwijderen.

 

Door haar middelbare schooltijd in Waver sprak Marcelle vloeiend frans. Ze behaalde dan ook het diploma om in het nederlands als in het frans in de lagere school les te geven. Dit kwam ook van pas want kort na haar afstuderen ging ze voor zes jaar aan de slag in Tervuren waar ze les gaf aan een tweetalige klas. Marcelle werkte in die beginperiode ook in scholen in Anderlecht, Koekelberg (iedere dag een stuk met de fiets, een bus en twee trams om er te geraken!) en dichterbij in Hoeilaart in de zustersschool Sint Clemens. Daar was ze aan de slag toen de toenmalige schepen van onderwijs van Overijse haar kwam vragen of ze niet in Terlanen wou gaan werken nu men van plan was om daar aan de bestaande lagere school een kleuterschool toe te voegen. Er was één praktisch probleem: Marcelle had dan wel twee diploma’s als ondewijzeres maar had geen diploma als kleuterleidster. Er zat dus niets anders op dan snel een examen af te leggen voor de centrale jury, een taak waar ze met klank in slaagde.

 

En zo kwam Marcelle in 1953 in de kleuterschool van haar eigen Terlanen terecht. Vijf jaar later, in 1958, verhuisde ze naar de lagere school die in Terlanen twee klassen telden: Marcelle kreeg er de klas met de kinderen die in de eerste vier studiejaren zaten en Meester Peigneur had in zijn klas de laatste twee studiejaren. Het moet erg veel planning en didactisch talent gevergd hebben om in één en dezelfde klas vier verschillende leeftijden en leerplannen in rechte banen te leiden maar Marcelle bleek daar geen problemen mee te hebben. Ze genoot van het les geven waarbij vooral rekenen en aardrijkskunde haar lievelingsvakken waren.

 

En de lessen aardrijkskunde werden tot grote vreugde van de leerlingen al eens geïllustreerd met een film of dia’s over verre landen want reeds vanaf de jaren 60 had de reismicrobe Marcelle goed te pakken. Ook vandaag vertelt ze honderduit over de vele landen in vooral Azië (van Nepal over Indië naar China na de dood van Mao) en Afrika die ze bezocht toen dat nog helemaal niet zo vanzelfsprekend en evenmin eenvoudig was. “Ik leef nu nog van de beelden die ik daar zag” merkt ze op, en nog (met veel wijsheid) “ik ben daar rijker van geworden”.

 

In 1980 mocht Marcelle genieten van haar verdiend pensioen. Ze woonde ondertussen met haar zus in een huis dat ze had laten bouwen in de Bollestraat, naast het Hof ten Hove waar ze geboren was. Tuinieren werd er haar grote hobby en ook vandaag getuigt het stukje paradijs rond haar huis daar van. Het Rode Kruis, afdeling Overijse, mocht lang op haar rekenen als bestuurslid. Maar ook in Terlanen bleef ze actief als vaste lector in de kerk en als voorzitter van de seniorenvereniging 3x20. Het is bij 3x20 dat ze trouwens Luc leerde kennen, met wie ze een mooie en speciale band mocht uitbouwen. 

Dank voor de mooie namiddag, Marcelle. We hebben, net zoals die vele honderden Terlanenaars die op de schoolbanken in jouw klas hebben gezeten, veel van je geleerd.